Wie oude kaarten bekijkt, merkt al dadelijk, dat er voorheen hier heel wat meer water was dan thans. Verschillende meren en poelen zijn drooggelegd. Het Parregaaster meer is tegelijk met het Workumer en Makkumer meer drooggemalen en daardoor werd 850 ha, goed weiland verkregen. Al meer dan 200 jaar tevoren was het Sensmeer in een polder herschapen. Dan was er ‘t Uylcke meer, de Hieslumer Ee, de Horse of de Horase, zoals deze poel op het kaartje genoemd werd. Veel terpen zijn in de eeuwen voor het jaar 1000 opgeworpen en op de grootste van deze hoogten zullen zo langzamerhand, wellicht rondom een kapelletje, de dorpen zijn ontstaan. Reeds vrij vroeg komen de namen van een paar dorpen of buurtschappen in de geschiedenis opduiken. De heren drs. H. Oldenhof en M.J. Ijdema schreven een interessant boekje over de parochie Blauwhuis-Sensmeer (deel XIII van de reeks "Frisia Catholica"). Zij schreven daarin, dat in een staatje van het jaar 855 van bezittingen van het klooster Werden in Hieslum, Imiswalde (Eemswoude) en Deddingiwerbe (Dedgum) al voorkomen. De schenking geschiedde door een zekere Folckerus. Over de akte is veel geschreven, dat verder voor ons van weinig belang is, maar de dorpen bestonden toen dus al en het klooster kreeg b.v. onder Hieslum 20 gras, in Deddingiwerbe 15 gras en te Imiswalde70 gras (koegras). Later heeft het klooster Werden de Friese bezittingen verkocht en de Johannieters van Sneek werden tenslotte bezitters van landerijen bij Eemswoude, waar zij een uithof hadden.In de lijsten van kerken en kapellen in de 13de eeuw komen de dorpsnamen voor. Onder het dekenaat Bolsward behoren dan Deddingum, Kercwerth, Epanrega (Parrega). In latere lijsten komt ook de naam Griantoix (Greonterp) voor.Tenslotte komt in een opgave van kloosterbezittingen van Fulda Hieslum ook al zeer vroeg voor als Haslum.In het reeds bij de behandeling van Schraard, Wons en andere dorpen van Wonseradeel, genoemde stuk, waarin de galioeden (galieden) van een aantal dorpen rechtregels stellen, komt ook Epangne voor, dat Parrega moet voorstellen. De spellingen van Exangie, Pagoen en Panderga komen ook voor, terwijl Tjerkwerd in oude documenten ook Iterwerd, Greonterp Griantx en Dedgum Dedigum.Reeds spoedig na 1000, het einde van de terpentijd, hebben de grondeigenaren in deze streken maatregelen getroffen om, hun landerijen te beschermen tegen zee- en binnenwater. Het is hier net als bij Exmorra aan de ene en Abbega c.s. aan de andere kant: de streek van de hemmen.Tussen Tjerkwerd en het Sensmeer lag de Eemswouder hem, tusen Tjerkwerd en Hieslum de Arkumer hem en oost van Hieslum de Riperhem. Alle drie waren door dijken omringd. Oorspronkelijk behoorde volgens de heren Rienks en Walther de Arkwerder of Arkumer hem bij de Eemswouder hem, maar is daarvan later gescheiden door de waterkering, die van Maskeboershorne naar Dedgum loopt. Deze dijk was betrekkelijk laag en zal uitsluitend dienst hebben gedaan tegen het hoge boezemwater. Ook de Riper-hemdijk had dezelfde functie. De Eemswouder hem is in de 15de eeuw verenigd met de Scherwouder en de Morra-hem, respectievelijk bij Abbega en Oosthem en ten noorden van Westhem. Verschillende zijlen zorgden voor de afwatering van deze gebieden, waarvan de namen nog gebruikelijk zijn, al is de zijl zelf in de meeste gevallen verdwenen.Sedert het midden van de vorige eeuw, toen de zeedijken sterk verbeterd werden, verloren de hemdijken voor en groot deel van hun betekenis. Verschillende er van doen dienst als verkeersweg, die door hun bochten nu niet bepaald aangewezen zijn voor rijlessen tijdens mist of bij ijzel.
