Orgel Parrega Rijksmonument. Nou en?

Het orgel van onze Johannes de Doperkerk is in 2008 Rijksmonument geworden. Wie niets met orgels heeft, haalt de schouders op. Ik hoor het al zeggen. “Nou en?”, of “Ik heb niets met orgels”, of “Laat ze er vooral fijn bij zingen.” Dit veroordeel ik niet want er zijn bijvoorbeeld echte muziekliefhebbers die niet houden van een orgel als instrument. Dat kan: smaken kunnen verschillen.
Er zijn ook mensen die wel van mooie oude gebruiksvoorwerpen houden, maar er niet bij  stilstaan dat een orgel ook meubilair is, zoals een mooie kast in een huiskamer. Orgels herbergen hun pijpen namelijk ook in een kast, in juweeltjes van orgelkasten die vaak op de maat van de kerk zijn gemaakt.
Er zijn ook mensen die wel van geschiedenis houden, maar er niet bij stilstaan dat een kerkinterieur en orgel iets zeggen over tijden waarin er ineens geld was om de trots van een stad of dorp met de aankleding van een kerk uit te drukken.
Wie niets heeft met instrumenten, wie niets heeft met mooi meubilair, is toch altijd wel gevoelig voor de naam en faam van de stad en dorp waar je bent geboren en/of waar je woont. En nu ons eigen orgel in 2008 Rijksmonument is geworden, is er iets bijgekomen waar een bewoner van Parrega trots op mag zijn.

Een orgel bestaat uit tientallen pijpen die worden aangeblazen en verschillende klanken kunnen laten horen. Zo heb je op vele orgels een ‘register’ van fluit, klarinet, trompetten en hoorns. Als je een register hebt gekozen, bespeel je het met een toetsenbord. Door het indrukken van een toets zet je een ventiel open waardoor wind juist in een pijp van een register blaast. Fluitje van een cent dus, maar houtwerk en windladen van orgels drogen uit, waardoor ze gaan lekken, met als einde van het liedje dat de wind overal heen blaast maar niet meer in een pijp. Daarna wordt het fluiten zeer kostbaar, maar erkenning als Rijksmonument helpt bij acties voor restauratie.

Kerkorgels ondersteunen vanouds kerkzang en vele orgels zijn naast kerkzang ook gebouwd voor solospel voor, tijdens of na de dienst. Het orgel van Parrega is in 1907 aangeschaft voor ondersteuning van de kerkzang, maar  solospel is er ook op mogelijk. Er zijn dan ook veel organisten die graag op het orgel van Parrega willen spelen. Bovendien is de orgelkast niet alleen fraai gebeeldhouwd, maar is ook nog eens als extraatje uitbundig voorzien van drie losse beeldhouwwerken. Nu heb ik al heel wat orgels gezien, maar ik durf te beweren dat veel Friese orgels qua versiering de kroon spannen. Ze zijn een afspiegeling van de Friese rijkdom aan uitbundige huis gevelversieringen die in de 17e eeuw zijn ontstaan en nog vele eeuwen  werden aangebracht. Voor deze gevels hoeft men maar door De grote Dijlakker van Bolward te lopen om te begrijpen dat een hoogtepunt van Friese orgelversiering ook in Bolward staat, namelijk het 18e- eeuwse Hinszorgel in de Martinikerk, maar Parrega kon er in 1907 ook wat van. Zoals eerder al bleek uit statige fraaie oude boerderijen, het groots opgezette 18e- eeuwse café De Harmonie en natuurlijk de imposante kerktoren van Parrega die vooral door haar schitterende ligging niet onderdoet voor de Martinitoren van Bolsward.
Interessant is om te weten om welke redenen een groot, overvloedig versierd, dus duur orgel in 1907 kon worden gekocht. Heeft de hele gemeenschap daar aan bijgedragen of was het juist een groeiende groep rijke boeren door de nieuwe 19e- eeuwse Parregaaster polders? Ik zou het niet weten, maar Parrega heeft aan het kerkorgel de komende jaren weer een mooi doel voor een gezamenlijke inspanning waar Parrega trots op kan zijn.
Wat kerkorgel Rijksmonument, nou en? Nou alles voor wie nog wat trots in zijn donder heeft! Zoals ons beroemde prachtige café De Harmonie ook weer herleeft en samen met de kerk, op Monumentendag 2008 uiteraard open is.   
Paul Fluttert